|
|
terug
naar overzicht
vogels |
||
| IMG_0392 | |||
|
Buizerd,
Common Buzzard , Buteo buteo
De buizerd is waarschijnlijk
wel de bekendste Nederlandse roofvogel. Het is een stevige vogel, niet
erg goed toegerust op het vangen van snel bewegende prooien zoals
bijvoorbeeld valken dat kunnen. Buizerds moeten het dan ook meer hebben
van muizen, zieke konijnen, wormen en aas. Dat aas werd hen helaas
noodlottig; in het verleden (en nog steeds!) werden buizerds vergiftigd
door mensen die de roofvogels als concurrenten beschouwen. Gelukkig zijn
deze praktijken sterk afgenomen, waardoor het aantal buizerds sterk is
toegenomen. In de winter overwinteren in onze streken grote aantallen
Scandinavische buizerds, die massaal op paaltjes in weilanden en langs
snelwegen neerstrijken. Ze doen zich, vaak ten koste van hun eigen
leven, te goed aan verkeersslachtoffers langs onze snelwegen. In de
trektijd kunnen groepen van vele tientallen buizerds worden gezien, die
hoogte proberen te winnen door een warme luchtstroom onder de brede
vleugels te vangen. Door van deze thermiek gebruik te maken kunnen ze
met een minimale inspanning grote afstanden afleggen. |
|||
| status: | Jaarvogel. Vrij talrijke broedvogel; | ||
| trek/stand/winter: | doortrekker in vrij groot aantal; wintervogel in groot aantal | ||
| Trend en aantal: | Akkers, bos, cultuurlandschappen, graslanden, heide, hoogveen, platteland, weiden (kleinschalig), weilanden (uitgestrekt) Buizerds maken hun nest in een hoge boom, vaak een lariks of grove den. In Flevoland worden ook veel populieren gebruikt om een nest in te maken. Het voedsel wordt gezocht in een gevarieerd gebied: bossen, open plekken, weiden en akkers. Maar ook langs snelwegen, in de duinen en industrieterreinen. Voedselkleine zoogdieren, vogels, insecten, wormen en aas | ||
| Foerageer- en broedbiotoop: | Buizerds komen
in geheel Europa voor waar bos is. Buizerds maken hun nest in een hoge boom, vaak een lariks of grove den. In Flevoland worden ook veel populieren gebruikt om een nest in te maken. Het voedsel wordt gezocht in een gevarieerd gebied: bossen, open plekken, weiden en akkers. Maar ook langs snelwegen, in de duinen en industrieterreinen. Voedselkleine zoogdieren, vogels, insecten, wormen en aas |
||
| (informatiebron: Vogelbescherming) | |||